|
Vijftig jaar tv-weerbericht
Deze
aflevering van verklaard werd gemaakt ter ere van vijftig
jaar NOS-journaal in 2006.
Inmiddels
is het al meer dan 50 jaar geleden dat het Nederlandse televisietijdperk
officieel begon. Ook het weer was a meteen bij het begin onderdeel
van de uitzendingen, jaren eerder dan het journaal
dat op 5 januari 1956 begon.
Het
eerste weerbericht was te zien tijdens de tweede experimentele
tv-uitzending op 7 oktober 1951, gepresenteerd door meteoroloog
Cor van der Ham van het KNMI. Die avond werd ook een uitgebreide
bijdrage over het weer uitgezonden in het VPRO-programma “De
mens en zijn liefhebberijen”. Daarin werd de Friese
onderwijzer Hans de Jong, toen nog weeramateur en later weerman
van de NCRV, in de schijnwerper gezet.
Het weer
was al meteen vanaf de beginjaren tweemaal in de week op tv.
De weermannen van het KNMI kwamen zelf niet in beeld: de kijker
zag alleen een arm met een krijtje op een kaart schrijven.
Veel kijkers kregen kippenvel van het krassende geluid, vandaar
dat geëxperimenteerd werd met pastel, viltstiften en
Siberisch houtskool. De BBC gebruikte een vilten vulpen, maar
de oplossing van het probleem kwam van onze zuiderburen: de
Belgische weerman Armand Pien (1920-2003) leende de lipstick
van de omroepster.
In
de jaren vijftig en zestig werden de meeste weerpraatjes verzorgd
door KNMI-meteoroloog Joop den Tonkelaar (1926-2001). Tussen
1953 en 1968 presenteerde hij liefst 800 weerpraatjes. Zijn
aankondigingen deden soms stof opwaaien. Zo vertelde de weerman
op zaterdag 26 januari 1963 dat de Noordzee vol lag met ijs,
dat door een winddraaiing naar onze kust dreef en een enorme
ijsvlakte zou veroorzaken. In het NTS-journaal zei de weerman:
“Als u iets wilt zien wat u waarschijnlijk nooit meer
in uw leven te zien zult krijgen, dan moet u morgen naar de
kust gaan.” Zo veroorzaakte hij de waarschijnlijke eerste
file in ons land.
Joop reisde
vaak naar Finland en vermeldde in zijn weerpraatje dan nog
al eens de temperatuur in plaatsen met voor de kijker schier
onuitsprekelijke namen als Kuuskajaskari of Jyvaskyla. Op
5 december mocht hij van de directie van het KNMI bij wijze
van hoge uitzondering iets ludiek doen: hij presenteerde het
weerbericht dan volledig op rijm.
Untitled Document
Op
een eerste april hadden de cameramannen van de NOS de kaart
getekend en toen Joop den Tonkelaar de kaart omdraaide verscheen
er een tekening van een blote mevrouw in beeld! Proestend
van het lachen verdween hij uit beeld, de volgende dag stond
hij op het matje bij de Hoofddirecteur van het KNMI.
In
1968 verdwenen de weermannen van het scherm en las de nieuwslezer
het bericht. Vooral weeramateurs uitten eind jaren zeventig
hun ontevredenheid: zij wilden de weermannen terug op tv.
In 1982 keerde de weerman terug op het scherm, eerst alleen
in het late NOS-journaal, maar vanaf 1988 ook in het 8-uur
journaal. In het najaar van 1994 breidde de NOS de zendtijd
voor het weer uit en in 1997 heeft de NOS een nieuw presentatiesysteem
in gebruik genomen waarmee de weerinformatie, realistischer
en met animaties wordt gebracht. De vormgeving is sindsdien
enkele malen aangepast. Het weerpraatje wordt standaard opgeluisterd
met satellietbeelden en radarplaatjes. En sinds enkele jaren
zijn er ook weervrouwen.
Zelfs
in de weerpraatjes klonken soms politieke gebeurtenissen door.
Zo wilde Joop de Tonkelaar de ‘H’ van een hogedrukgebied
boven het Spanje van Franco wel eens de vorm van een hakenkruis
geven. Toen in datzelfde Spanje politieke gevangenen ter dood
werden veroordeeld door het Franco-regime had meteoroloog
Gerrit Haytink Spanje op de kaart helemaal zwart gemaakt.
Dat kwam hem op een stevige reprimande van de KNMI-directie
gestaan. En zelf heb ik, tijdens de ambtenarenacties in 1983,
nog meegedaan aan een bezetting van de tv-kamer op het KNMI,
waardoor er aan het eind van het journaal geen weerbericht
was.
Inmiddels
hebben de dertien regionale omroepen in ons land ook een weerbericht
na hun nieuwsuitzending, soms met live-presentatie in de studio
of op locatie.
(bron
info: KNMI, foto's: NOS) |