|
Neerslagmeting
De hoeveelheid
neerslag wordt gemeten met een regenmeter. Via een soort trechter
wordt de neerslag verzameld in een bak. Eén keer per
dag wordt gekeken hoeveel neerslag de afgelopen 24 uur is
gevallen. Afgesproken is dat de regenmeter geleegd wordt om
08.00 uur UTC/GMT. In Nederland is dat 's winters om 09.00
uur en in de zomer om 10.00 uur. Op de automatische stations
van het KNMI rolt dan een cijfer uit een computer, bij meetstations
die handmatig worden geregistreerd loopt iemand naar de regenmeter
om de neerslag in een peilglas te meten.
Neerslag
wordt uitgedrukt in milimeters. Eén milimeter regen
komt overeen met één liter water op een oppervlakte
van één vierkante meter. Regen wordt door de
regenmeter direct verzameld in de daarvoor bestemde bak. Sneeuw
of ijzel wordt door een verwarmingselement in de regenmeter
gesmolten.

Op de bovenstaande
afbeelding is de regenmeter en de regenvoeler van het KNMI-station
Vlissingen te zien. De 'melkbus' rechts en midden op de foto
is de regenmeter. In de trechter wordt de neerslag opgevangen.
Links op de foto is de regenvoeler te zien. Die registreert
of er neerslag valt.
In het
hele land, dus ook in Zeeland, wordt de regen niet alleen
op KNMI-stations gemeten, maar ook door particulieren. Die
hebben een regenmeter op een stuk land staan, zoals de regenmeter
op de foto hieronder. Deze regenmeter staat vlakbij Ritthem.
De particulieren bellen dagelijks hun meting door aan het
KNMI.
>>
Bekijk de neerslag 24-uurs som.
Untitled Document

De neerslaggegevens
van het KNMI worden gemeten op onderstaande stations. Het
zijn de officiële KNMI-stations en de particulieren.

Klik
voor een vergroting |